www.drogeogen.nl    A  A  A

Onderzoekmethoden

De oogarts is in veel gevallen degene die de oorzaak van de klachten kan bepalen. Hij of zij onderzoekt het oog op een aantal punten:

-       De hoeveelheid tranen die wordt aangemaakt
-       De mate van beschadiging door uitdroging
-       De kwaliteit van het traanvocht
-       De mate van verstopping van de Meibom-klieren

Deze onderzoeken kunnen worden gedaan met behulp van de spleetlamp, de Schirmer-1 test of een onderzoek met gekleurde vloeistof.

De spleetlamp

De oogarts gebruikt een spleetlamp om de buitenkant van het oog te onderzoeken. Deze spleetlamp is een speciale microscoop voor het oog, die gebruik maakt van speciale belichtingsmethoden. Hiermee worden afwijkingen of beschadigingen aan het oog zichtbaar gemaakt. Het onderzoek concentreert zich op:

-       het transparante hoornvlies
-       de iris
-       de lens
-       de voorste kamer
-       tussen het hoornvlies en de lens

De spleetlamp richt een smalle, felle lichtstraal op het oog, waardoor eventuele afwijkingen zichtbaar worden.

Terwijl de oogarts de lichtstraal over het oog beweegt, wordt uw hoofd stilgehouden door een hoofd- en kinsteun. Het onderzoek zelf is pijnloos, maar door de pupil verwijdende oogdruppels die gebruikt worden tijdens het onderzoek, zult u nog enkele uren na het onderzoek wazig zien.

  1. Spleetlamp
  2. Weg van lichtstralen
  3. Microscoop
  4. Oogarts
  5. Knop
  6. Spiegel
  7. Hoofdsteun

Gekleurde vloeistof

Met behulp van een gekleurde vloeistof die in het oog gedruppeld wordt, kan de oogarts testen op onregelmatigheden in het oog. De kleurstof zorgt ervoor dat microscopisch kleine beschadigingen in het hoornvlies oplichten zodra deze met blauw licht bekeken worden. Als de traanfilm niet meer egaal gekleurd is, ontstaan er donkere plekken, dit zijn de droge plekken op het oogoppervlak.

Bij heel ernstige problemen met de traanfilm worden droge, puntvormige plekjes op het hoornvlies gezien. Dit zijn beschadigingen. Deze kleuren lichtgroen op het oog en worden ook wel punctata genoemd.

 

Wanneer een onderliggend lichamelijke oorzaak wordt vermoed, is er een doorverwijzing naar een andere specialist, zoals een internist of een reumatoloog, mogelijk.


De Schirmer 1-test

Bij de Schirmer 1-test wordt in een strookje vloeipapier een vouw gemaakt, zodat aan het uiteinde een lipje ontstaat. De oogarts bevestigt dit lipje aan de binnenkant van het onderste ooglid. U houdt de ogen open en knippert wanneer dat nodig is.

(bij bovenstaande afbeelding geeft de test weer dat er waarschijnlijk geen sprake is van droge ogen)

Het vloeipapiertje wordt nat door de tranen die het oog aanmaakt. Na vijf minuten verwijdert de oogarts het vloeipapiertje en meet de lengte waarover het vloeipapiertje nat geworden is. De lengte geeft de oogarts, in combinatie met andere gegevens, informatie om een juiste diagnose te stellen.